Drie antiquiars ontslagen van rechtsvervolging voor handel in ivoor

De rechtbank in Amsterdam heeft geoordeeld dat drie antiquairs worden ontslagen van alle rechtsvervolging wegens de handel in ivoor en schending van het CITES-verdrag (Convention on International Trade in Endangered Species of wild fauna and flora). Volgens dit verdrag moet de legale herkomst van ivoor met een EU-certificaat bewezen worden. Een vergunning of ontheffing is alleen mogelijk als de legale herkomst volgens het CITES-bureau voldoende is aangetoond. De antiquairs deden een beroep op artikel 2w van de Verordening (EG) nr. 338/97 van de Raad van 9 december 1996 inzake de bescherming van in het wild levende dier- en plantesoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer, de zogeheten antiekvrijstelling. Deze vrijstelling staat handel van ivoor van voor 1947 ongehinderd toe. Volgens de rechtbank mochten de antiquairs ook na de inspectie de herkomst en leeftijd van het ivoor aantonen. Een object van één van de antiquairs werd door de rechter verbeurd verklaard en er werd een boete opgelegd.

Bron: NRC Handelsblad

 

Uitspraak rechtbank

Uitspraak rechtbank

Uitspraak rechtbank

 

Ontwikkeling Ivoor wetgeving Verenigd Koninkrijk